Filmstudio’s niet eens met verdienmodel nieuwe streaming service

Auteur: Wouter Schilpzand - 05-04-2011

Zediva, een nieuwe streaming dienst voor films uit de Verenigde Staten, heeft een strategie gekozen die het lijnrecht tegenover de studio’s zet wiens films ze voor kijkers toegankelijk willen maken.

Mensen die bij Zediva een film streamen kijken in feite naar een DVD die op afstand wordt afgespeeld. Elke kijker ziet de stream van één DVD die bij Zediva wordt afgespeeld.

Met deze methode kan Zediva nieuwe films streamen zodra ze op DVD zijn verschenen. Ze hebben een maas in het net gevonden om de latere releasedatum voor streamingdiensten te omzeilen. Diensten als Netflix, iTunes en Amazon onderhandelen met de filmstudios over de rechten om een digitale kopie van een film te maken die ze gebruiken om online toegankelijk te maken.  De studio’s geven films vaak één maand na de DVDrelease vrij voor streaming om de verkoop op DVD te stimuleren.

Met hun manier van werken, zegt Zediva, moet hun dienst gezien worden als een DVD verhuurbedrijf, en niet als een streaming dienst.

De MPAA, die de grote filmstudio’s vertegenwoordigt, is het daar niet mee eens. Hun onvrede heeft er toe geleid dat ze de rechtbank van Los Angeles hebben gevraagd om Zediva op te dragen onmiddellijk te stoppen.

Hoe de zaak zal eindigen is nog heel onzeker. James Grimmelmann van de New York Law School, die is gespecialiseerd in de juridische kanten van de online omgeving, is van mening dat Zediva geen schijn van kans maakt: “Zediva’s veronderstelde ‘maas in het net’ bestaat niet. Zediva gaat klappen krijgen van de filmstudio’s, harde klappen.”
In een artikel op Wired betoogt professor Jason Schulz van de Universiteit van Berkeley dat Zediva een paar sterke punten in haar verdediging heeft: “Als het bedrijf rechtmatige kopieën koopt die ze in de fysieke wereld kunnen verhuren, waarom kunnen ze die dan niet digitaal verhuren waarbij elke verhuur gekoppeld wordt aan een fysiek exemplaar dat slechts door één persoon wordt bekeken? De economische mechanismen lijken erg op elkaar.”

Bronnen: Wired en Ars Technica