Amerikaanse Library of Congress luidt noodklok over preserveren oude geluidsopnamen
Het Amerikaanse Library of Congres, bibliotheek en onderzoeksbureau van de Amerikaanse Volksvertegenwoordiging, bracht onlangs een rapport uit waarin het zich erg kritisch opstelt over de mogelijkheden die er onder het Amerikaanse auteursrecht zijn om oude geluidsopnamen te preserveren. Het rapport, eindresultaat van een tienjarige studie, is weinig rooskleurig.
Het Amerikaanse auteursrechtenstelsel, zo leest het rapport, werkt verstikkend voor het veiligstellen van oude audio-opnames. Rechthebbenden kunnen vaak geen business case ontwikkelen voor het exploiteren van deze oude opnames, maar zolang ze de exclusieve rechten hebben, mag niemand anders er mee aan de slag. Ook niet om een kopie te maken die ervoor moet zorgen dat een opname bewaard blijft voor het nageslacht.
Dat, stelt het onderzoek, is erg zonde. Niet alleen gaat er zo veel cultuurgoed verloren. Ook is er vaak een kleine maar niet-rendabele doelgroep in de onderzoekswereld die grote belangstelling heeft voor de oude werken om cultuurgeschiedenis te bestuderen.
Een grote oorzaak is dat het Amerikaanse auteursrecht op momenten op wat onduidelijke manier is verlengd om de alle dragers gelijk te behandelen. Toen in 1972 een herzien stelsel werd ingevoerd, kwamen alle opnames die voor dat jaar werden geproduceerd, onder dat regime te vallen voor de komende 95 jaar. Dat betekent dus dat zelfs de heel oude opnames pas over een halve eeuw, in 2067, in het publieke domein komen.
Voor de oudste geluidsopname, uit 1890, houdt dat in dat het werk pas 177 jaar na opname in het publieke domein terecht komt. Tot die tijd mogen bibliotheken geen kopieën van de werken maken om ze voor het nageslacht te beschermen.
De onderzoekers doen een aantal aanbevelingen om dit probleem aan te pakken. De lengte van het auteursrecht zou volgens de auteurs teruggebracht moeten worden tot 50-75 jaar. Ze noemen Europese auteursrechtstelsels als voorbeeld. Bovendien zou het gebruik van werken waarvan de maker onbekend is, vrijgegeven moeten worden. Derden zouden meer ruimte moeten krijgen tot het maken van heruitgaven, zolang rechthebbenden daarvoor gecompenseerd worden. Tenslotte pleit het onderzoek voor meer ruimte voor bibliotheken om bestanden te kopiëren en uit te wisselen.
Dit soort berichten maakt de discussie over auteursrechtexcepties een erg belangrijke om te voeren: het auteursrecht is een mooi uitgangspunt, maar in sommige gevallen moeten andere belangen, zoals onderwijs of onderzoek, parodie of thuisgebruik op gelijk niveau getild worden. Zo pleit het Ministerie van Economische Zaken al een tijdje voor het invoeren van een User Generated Content exceptie. Die uitzondering is bedoeld om het maken van nieuwe creatieve goederen op basis van bestaande (en mogelijk beschermde) werken te stimuleren.
