Dick van Engelen geeft commentaar op het wetsvoorstel Auteurscontractenrecht

Auteur: Martine Wubben - 28-08-2010

Een niet-overdraagbaar auteursrecht? De collectieve ondercuratelestelling van creatieve geesten!”. Zo luidt de titel van een artikel dat de in intellectuele eigendomsrecht gespecialiseerde advocaat Dick van Engelen onlangs schreef over de voorgenomen wijzing van de Auteurswet. 

Het bedoelde wetsontwerp Auteurscontractenrecht beoogt de positie van de maker van een creatief werk te versterken ten opzichte van de exploitant van zijn werk, volgt uit de toelichting op het voorstel van de ministeries van Economische Zaken, Justitie, Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Zo zou het auteursrecht slechts overdraagbaar zijn na het overlijden van de auteur, terwijl dit momenteel nog te allen tijde kan geschieden. Exclusieve licentieovereenkomsten voor een periode langer dan vijf jaar zouden door de licentiegever tegen het einde van elk vijfde jaar kunnen worden opgezegd. Dergelijke bepalingen zouden zogenaamde wurgcontracten moeten voorkomen. (Zie verder eerder blogbericht.)

Op 1 juni startte een internetconsultatie over het wetsvoorstel. Belangstellenden is de mogelijkheid geboden om feedback te geven op de voorstelde wijzigingen. Dirk van Engelen geeft in het Nederlands Juristenblad zijn mening over het wetsvoorstel. Volgens Van Engelen ontbreekt de noodzaak en is de onderbouwing niet overtuigend. 

Onderbouwing

Dat iemand achteraf spijt kan hebben van de overdracht van zijn auteursrecht, wanneer dat meer waard is geworden, is gewoon pech en hoort bij de risico’s van alle verkopen, meent Van Engelen. Auteursrechthebbenden zijn oud en wijs genoeg om hier zelf een verstandige beslissing in te nemen, tenzij er sprake is van dwang, dwaling, bedrog of misbruik van omstandigheden of ondercuratelestelling. 

Dwaling en misbruik van omstandigheden zijn een zware termen. Maar auteurs en uitvoerend kunstenaars verkeren als gevolg van de groeiende mediaconcentratie wel steeds meer in een structureel zwakkere onderhandelingspositie, zo stelt een rapport van prof. Hugenholtz en dr. Guibault van het Instituut voor Informatierecht. Die zwakkere onderhandelingspositie “leidt in de praktijk gemakkelijk tot eenzijdige standaard-exploitatiecontracten waarin met hun belangen onvoldoende rekening gehouden wordt”, stellen zij.

Er zijn volgens Van Engelen vanuit de rechtspraak echter “geen duidelijke voorbeelden van schrijnende gevallen waarin een ‘onheuse’ overdracht van auteursrechten of rechten van uitvoerend kunstenaars een groot probleem veroorzaakten, dan wel waar het niet overdraagbaar zijn van die rechten een rechthebbende voor groot onrecht zou hebben behoedt.” 

Misplaatst romanticisme

Dat de wetgever het als “een positieve bijwerking ziet dat het niet-overdraagbare auteursrecht niet vatbaar is voor beslag en daarmee ook buiten het faillissementsbeslag en de jurisdictie van de curator blijft” vindt Van Engelen getuigen van “een misplaatste romantische opvatting van het auteursrecht”. Volgens van Engelen is de drempel voor auteursrechtelijk bescherming inmiddels zo laag geworden dat het inmiddels vooral betrekking heeft op banale en commerciële werken. Geen ‘zielige rechthebbende’, maar ‘strictly business’ aldus Van Engelen.

De sluitingsdatum voor inzendingen is 30 september 2010.