Concurrentie op de kabel in strijd met auteursrecht
Wanneer kabelbedrijven Ziggo en UPC concurrentie toelaten op de analoge kabel, maken zij en de nieuwkomers inbreuk op het auteursrecht. Dat komt omdat wederverkoop een nieuwe openbaarmaking inhoudt. En daar hebben noch de kabelbedrijven, noch de nieuwe concurrenten, een licentie voor.
De OPTA, die deze concurrentie afdwingt, verplicht de gevestigde kabelaars om hun programmapakket te verkopen aan nieuwkomers, zodat die ze ook kunnen uitzenden. Daarmee belanden beide partijen in een auteursrechtelijk precaire situatie, aangezien de kabelbedrijven slechts een licentie hebben voor één openbaarmaking. En het verkopen van het pakket aan nieuwkomers zodat die het ook kunnen uitzenden, geldt als een nieuwe, gemeenschappelijke openbaarmaking.
Een bijkomend probleem is dat de gezamenlijke openbaarmaking inhoudt dat beide partijen samen de nieuwe licenties zullen moeten regelen. Dat zou wel eens lastig kunnen zijn voor twee concurrenten waar de één veel te winnen heeft en de ander veel te verliezen.
Een mogelijke oplossing is dat de nieuwkomers hun licenties zelf gaan regelen. Maar ook daar zitten juridische haken en ogen aan. Zo hebben de gevestigde spelers bijvoorbeeld een monopolie op het uitzenden van BBC 1 en 2 en is het moederbedrijf van UPC, Liberty Global, ook eigenaar van de Discovery Channel. Die zou dwars kunnen gaan liggen wanneer de nieuwkomers een licentie willen regelen.
De geplande opleverdatum voor de open kabel is maart 2010, al betwijfelen alle betrokken dat deze deadline gehaald wordt.
Bron: Webwereld
