File-sharing: de noodzaak van cultuurverandering en een langetermijnvisie
Vorige week bracht de auteursrechtwerkgroep van de Tweede Kamer haar eindrapport uit. De belangrijkste aanbeveling in haar rapport is om downloaden uit een illegale bron als een misdrijf te beschouwen. Tot nu toe viel downloaden uit een illegale bron onder de thuiskopie-uitzondering. Dat betekent dat uploaders inbreuk maken op auteursrecht, maar downloaders niet. De werkgroep wil, door de wet te veranderen, een “cultuurverandering” forceren in de houding ten op zichte van illegaal file-sharen.
Waarom is deze cultuurverandering nodig? Aangezien downloaden min of meer legaal is in Nederland, hebben consumenten het idee dat digitale content gratis is. Waarom zou je voor een DVD betalen als je een prima bestand gratis van the Pirate Bay kunt halen? Voor consumenten is het gratis bestand van internet de meest logische en voordelige keus.
Bovendien meldt het door de overheid betaalde onderzoek “Ups en Downs” dat file-sharen een maatschappelijke winst oplevert, omdat meer mensen toegang krijgen tot content. Dat mag dan zo zijn op de korte termijn, het langetermijneffect zal eerder negatief dan positief zijn. Wanneer we professionele makers van content de mogelijkheden ontzeggen om geld te verdienen aan hun intellectuele en creatieve werken, zullen ze hoogstwaarschijnlijk stoppen om professionele content te produceren, waardoor we achterblijven met een hoop tweederangs amateurmateriaal. Helaas is het enige wat consumenten onthouden van dit soort studies dat ze de maatschappij en de economie een dienst bewijzen door te downloaden.
Dus we zitten met een situatie waarin consumenten, vooral jonge consumenten, niet het idee hebben dat downloaden slecht is (het is immers legaal). Sterker nog, ze hebben het gevoel dat het iets goeds is, zo niet hun recht als consument. De Nederlandse overheid is niet van plan om in te grijpen en kijkt naar de markt om het probleem van file-sharen op te lossen.
In de markt, echter, richt het debat over filesharing zich vooral op de korte termijneffecten van inbreuk op copyright (huidig omzetverlies). Dat debat gaat als volgt: de entertainmentindustrie claimt dat het verschrikkelijke verliezen lijdt vanwege softwarepiraterij, terwijl de file-sharing gemeenschap beweert dat de verliezen ontzettend overdreven worden en dat de entertainmentindustrie auteursrecht misbruikt om hun bejaarde businessmodellen te beschermen. Volgens mij zitten in beide beweringen goede punten. Ik denk dat de entertainmentindustrie inderdaad verliezen lijdt vanwege piraterij, maar ik denk ook dat ze te langzaam zijn met het beantwoorden aan de eisen van een online omgeving.
Hoe het ook mag zijn, de economische argumenten zijn erg moeilijk te staven met empirisch bewijs. Zowel de entertainmentindustrie als de file-sharing gemeenschap publiceren regelmatig onderzoeken over de gevolgen van downloaden op de creatieve sector. Bovendien maken ze elkaars studies altijd met de grond gelijk door ze partijdig te noemen of simpelweg te ontkennen.
Ik ben van mening dat het minder interessant is om te praten over de huidige verliezen, maar dat het des te interessanter is om de blik op de lange termijn te richten. Veel file-sharers zijn bereid een redelijke prijs te betalen voor makkelijk toegankelijke content. Maar er ontstaat meer en meer een houding dat content er gewoon is: het is beschikbaar en het is legaal om het gratis te downloaden. Deze houding ten opzichte van content vormt in de toekomst een bedreiging voor de professionele contentsector, vooral voor de branches die grote investeringen moeten terugverdienen (films, software, games). Bovendien zijn ze een bedreiging voor auteurs buiten de entertainmentindustrie omdat de ‘alles is gratis’ houding ten opzichte van muziek en films overslaat naar andere vormen van content. De piraten die de Amazon applicatie hebben gemaakt (een toepassing die mensen die de catalogus van Amazon bekijken, doorlinkt naar gratis bestandne op Bittorent) bijvoorbeeld, tonen een gebrek aan respect voor content die innovatieve en eerlijke businessmodellen flink ondermijnt.
Uiteindelijk gaat het downloaddebat voor mij niet alleen over geld en de toekomst van de entertainmentindustrie, het is een morele discussie: je steelt andermans creaties niet, je kan niet zonder toestemming iets delen dat niet van jou is. En je maakt al helemaal geen winst met andermans werk. Dat gezegd hebbende zou de entertainmentindustrie zich moeten realiseren dat auteursrecht een recht is en niet een gegeven. Door auteursrecht te gebruiken voor winstmaximalisatie en het afschermen van verouderde businessmodellen loopt de entertainmentindustrie het risico het kleine beetje steun dat ze nog hebben bij het brede publiek, te verliezen.
Als we een toekomst met ongewaardeerde auteurs en een gebrek aan (professioneel geproduceerde) content willen vermijden, is een verandering in de houding van consumenten nodig. Een verbod op downloaden uit een illegale bron is belngrijke stap in dat proces, net als het bedenken van nieuwe businessmodellen door de entertainmentindustrie.
De ideeën over auteursrecht die de werkgroep ter tafel brengt (downloaden strafbaar stellen, maar alleen als de entertainmentindustrie zich toelegt op vernieuwing) zijn verfrissend. Ze vinden een goede balans tussen de rechten van de consument en de belangen van de rechthebbenden voor de lange termijn en ze gaan verder dan de huidige discussie over schade aan de entertainmentsector. Bovendien benadrukken ze het belang van samenwerking tussen alle stakeholders (consumenten, rechthebbenden en de overheid).
Laten we hopen dat alle stakeholders nu echt werk maken van de toekomst van auteursrecht!
