Insider Interview: Filesharen nader bekeken
Een interview met Annelies Huygen (TNO) en Joost Poort (SEO Economisch Onderzoek) over de economische en culturele gevolgen van file sharing voor muziek, film en games naar aanleiding van hun recent verschenen onderzoek ‘Ups & Downs’
De kop ‘Filesharen goed voor de Nederlandse economie’ in sommige kranten heeft voor veel discussie gezorgd, hadden jullie dit vooraf verwacht?
Deze kop geeft niet helemaal weer wat we bedoelden en heeft inderdaad voor begripsverwarring gezorgd. Niet alleen in Nederland, maar ook in bijvoorbeeld Frankrijk, Spanje, de Verenigde Staten, Finland en Zweden. Daar leek men het idee te krijgen dat de ‘Dutch government’ illegaal filesharen had goedgekeurd. Wat goed is voor de welvaart is niet hetzelfde als wat goed is voor de economie.
Maar dat was dus niet wat jullie bedoelden?
Nee, het gaat hier om een welvaartsanalyse. Dat is een instrument dat regelmatig wordt gehanteerd en kijkt naar wat een bepaald fenomeen in zijn geheel oplevert of kost voor de maatschappij. Niet-economische effecten worden dan zo goed mogelijk in geld uitgedrukt. Voor de welvaartsanalyse hebben we alleen gekeken naar muziek. Voor film en games is deze analyse nu nog niet te maken, maar er zijn wellicht parallellen te trekken.
Wat was, in het kort, de uitkomst van de analyse?
Filesharen van muziek levert jaarlijks een voordeel op van 200 miljoen voor mensen die op deze manier gratis toegang krijgen tot muziek en levert maximaal 100 miljoen aan kosten/schade op voor de muziekindustrie. Dat betekent dat er voor de samenleving een netto voordeel is van ten minste 100 miljoen. Die 200 miljoen is tegelijkertijd de becijferde betalingsbereidheid en dat betekent, dat er nog maximaal 200 miljoen te winnen valt voor degene met het goede businessmodel dat aansluit op de behoeften van de consument.
Er is dus wel schade vastgesteld aan de kant van de muziek industrie in dit geval?
Gelet op de omzetontwikkeling in de branche is schade inderdaad aannemelijk. Je kan je alleen afvragen hoe dat komt en wie daar verantwoordelijk voor is. Uit alles blijkt dat mensen graag toegang willen tot muziek, maar dat niet meer alleen op plastic schijfjes willen hebben waar ze veel voor moeten betalen.
Maar wil de consument niet gewoon alles gratis downloaden?
Nee, dat is niet perse zo. Veel consumenten zijn best bereid te betalen voor een goed product dat op een makkelijke manier geleverd wordt. Daarbij zie je ook wel dat een groeiende groep beseft dat een vergoeding voor content wel op zijn plaats is. Interessant is dat dit moreel besef bij games groter lijkt dan bij muziek. De downloaders lijken beter te begrijpen dat de ontwikkeling van een game geld kost wat ergens moet worden terug verdiend. Bij films zie je deze gedachte weer veel minder.
Dat is interessant, want het principe blijft hetzelfde. Hoe verklaren jullie dat?
We nemen aan dat jongeren zich beter kunnen verplaatsen in de positie van gamedesigners dan in die van muziek- en filmproducenten. Downloaders van games blijken achteraf vaker alsnog het origineel te kopen dan bij films. Dit heeft volgens ons te maken met een moreel besef en de wetenschap dat games niet gratis geproduceerd kunnen worden.
In zekere zin is dit een nieuwe, spontane naleving van het auteursrecht dat onder downloaders ter discussie stond. Hoe kijken jullie hier tegenaan?
Dat zou kunnen. In ieder geval willen wij opmerken dat het rapport absoluut niet bedoeld is om het auteursrecht te ondergraven.
Dus illegaal downloaden mag niet?
Ons onderzoek neemt de auteurswet, zoals die is, als gegeven. Dit betekent dat downloaden voor eigen gebruik is toegelaten, behalve dan bij games. Er is recentelijk een vonnis gewezen over downloaden, waarbij de rechter heeft gezegd dat het maken van een privékopie van illegaal materiaal een illegale handeling zou zijn, maar van die uitspraak is hoger beroep ingesteld. Dit is dus nog geen uitgemaakte zaak. Wat wij willen meegeven is dat het criminaliseren van individuele downloaders niet de richting is die we met zijn allen op moeten willen.
Waar zit het probleem dan?
Het probleem zijn de professionele uploaders, die populaire content aanbieden via hun sites of toegang bieden tot usenet verzamelingen van populaire content. Zij betalen daar geen rechten over maar verdienen vaak wel geld aan advertenties of aan toegangsfees. Deze groep maakt zich schuldig aan diefstal van andermans creatieve producten met het oogmerk zichzelf te verrijken en zou moeten worden aangepakt. Dat kan bijvoorbeeld civielrechtelijk, maar die mogelijkheid wordt volgens ons nog weinig gebruikt.
Het is wel belangrijk te melden dat niet iedere uploader erop uit is om misbruik te maken van andermans rechten: veel mensen zijn uploaders zonder dat ze het zelf door hebben, bijvoorbeeld in een peer-to-peer netwerk. Voor deze groep is voorlichting eerder op zijn plaats, maar beslist geen juridische aanpak. Verder is er nog een subcultuur van verzamelaars, die veel meer downloadt dan ze ooit gebruikt. Bij deze groep gaat het om te scoren en het heeft niet altijd malafide intenties.
Hoe kan je de consument dan het beste bedienen?
Door makkelijke en betaalbare toegang te bieden tot content. De manier van muziek en films consumeren is enorm veranderd de laatste jaren en aanbieders moeten hierin mee.
Wat zijn jullie ideeën over hoe aanbieders hier het beste in mee kunnen?
Je zou bijvoorbeeld een flatfee toegang kunnen introduceren, waarbij consumenten toegang krijgen tot een verzameling content waarvan ze dan kunnen genieten. Voor studenten, veelgebruikers etc. zouden aparte tarieven kunnen gelden. Op deze manier kan er gemakkelijk genoten worden van content en komt er geld binnen dat kan worden verdeeld onder rechthebbenden.
Wordt die verdeling onder rechthebbenden niet heel lastig?
Dat is het probleem van de rechthebbenden. Zij zullen eraan moeten wennen dat bij de businessmodellen van de toekomst veel meer partners betrokken zullen zijn dan vroeger het geval was. Maar hieraan valt wel het een en ander te doen, bijvoorbeeld het tellen van downloads of het opzetten van stimuleringsfondsen. De industrieën moeten hunnen traditionele posities gaan los laten en meer gaan nadenken over 360°-deals, waarbij ze op andere manieren kunnen profiteren van de content of merchandise en de evenementen erom heen.
Hoe zien jullie de rol van de ISP in deze ontwikkelingen?
Die lijken nu nog vaak vijandig ten opzichte van de content-aanbieders, maar ze zouden bondgenoten moeten zijn. Hoge bandbreedtes worden niet gebruikt om online de krant te lezen, maar om content als films, muziek en games te genieten. Tot nu toe zijn de ISP’s er goed uitgesprongen en erin geslaagd dit voornamelijk het probleem van de content-aanbieders te laten zijn. Zij zullen echter concessies moeten doen en zich coöperatiever opstellen, de huidige situatie is niet oneindig houdbaar. De content-aanbieders moeten wel zelf ook openstaan van dit soort samenwerkingen, ook deze groepen verschansen zich nogal eens in hun loopgraven.
Jullie hebben het onderzoek aangeboden aan minister Plasterk, wat was zijn reactie?
Op het Noorderslag Festival nam minister Plasterk het rapport in ontvangst en gaf aan het een nuttig rapport te vinden en een goede basis voor verder onderzoek. Met name de stimulering van nieuwe businessmodellen had zijn interesse. Dit onder het motto: genieten mag, verdienen ook.
Hebben jullie nog een boodschap voor de content-aanbieders?
Blijf bevriend met de mensen die van je producten genieten, besteed niet teveel aandacht aan het subgroepje van de fervente downloaders, de verzamelaars, en treed op tegen de professionele uploaders. En stop met die beschuldigende filmpjes voorafgaand aan bioscoopfilms of DVD’s!
Veel dank!
Annelies Huygen is jurist en econoom, gepromoveerd onderzoeker en verbonden aan TNO.
Joost Poort is natuurkundige en filosoof, en als hoofd mededinging en regulering verbonden aan SEO Economisch Onderzoek.
Het onderzoek is te vinden in onze Knowledge Database
