RIAA verliest tussentijds beroep in Thomas zaak
Een federale rechter in de VS heeft het verzoek van de RIAA om een door een lagere rechter uitgeroepen ‘mistrial’ in de zaak RIAA versus Thomas ongeldig te verklaren afgewezen.
Eerder dit jaar werd de Amerikaanse Jammie Thomas door een jury schuldig bevonden aan inbreuken op het auteursrecht. Thomas had meer dan 1700 nummers aangeboden via KaZaA. De rechtbank oordeelde dat zij 220,000 dollar moest betalen aan zes grote platenlabels. De zittende rechter, Michael Davis, kwam echter enkele weken later op zijn beslissing terug een riep een ‘mistrial’ uit. Als reden voor de mistrial gaf Davis aan dat hij vond dat hij de jury verkeerd had voorgelicht door hen te vertellen dat het ter beschikking stellen van auteursrechtelijk beschermde werken gelijk staat aan een inbreuk op het auteursrecht. Davis is nu van mening dat de RIAA eerst moet bewijzen dat de songs ook daadwerkelijk gedownload zijn.
De RIAA ging hierop in beroep tegen de mistrial, maar dit beroep is dus nu afgewezen. De nieuwe rechtszaak staat voor maart 2009 op de rol. De belangrijkste juridische vraag is nu of de RIAA inderdaad moet bewijzen dat de songs ook daadwerkelijk illegaal gedownload zijn of dat zij al die tijd ongebruikt in de ‘shared folder’ van Thomas hebben gestaan. Volgens de RIAA is het haast onmogelijk om te bewijzen of songs ook daadwerkelijk gedownload zijn.
